First-Line Juristen

Kennelijk onredelijk ontslag 57-jarige werknemer, die 27 jaar in dienst is

Op 17 juni 2013 heeft de rechtbank Noord-Holland zich uitgelaten over de vraag of een opzegging van een arbeidsovereenkomst van een 57-jarige werknemer, die 27 jaar in dienst was bij een producent en leverancier van uitvaartkisten en urnen, kennelijk onredelijk is. De kantonrechter heeft voor het bepalen van de schadevergoeding aangeknoopt bij www.hoelangwerkloos.nl.

Feiten
Werknemer is op 20 mei 1985 in dienst getreden van werkgever, laatstelijk in de functie van (machinaal) productiemedewerker. Op 22 februari 2012 heeft het UWV Werkbedrijf een ontslagvergunning aan werkgever verleend. Werkgever heeft de arbeidsovereenkomst tegen 1 juni 2012 opgezegd.

Vordering
Werknemer vordert een bedrag van € 30.000,-- bruto als vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Daarnaast vordert werknemer op dezelfde grond betaling van € 3.348,09 bruto per jaar aan pensioenschade. Werknemer stelt dat het ontslag kennelijk onredelijk is, omdat het op een valse of onjuiste grond berust. Voor zover nodig voert werknemer ook aan dat het ontslag kennelijk onredelijk is vanwege de gevolgen voor hem.

Verweer
Werkgever betwist dat er sprake is van kennelijk onredelijk ontslag, omdat zij goede gronden had voor het ontslag en er geen sprake is van een valse of onjuiste reden. De enkele omstandigheid dat werknemer geen ontslagvergoeding heeft gekregen, is geen reden om het ontslag als kennelijk onredelijk aan te merken. Werkgever stelt verder dat zij zich altijd als een goed werkgever heeft gedragen.

Beoordeling
De kantonrechter overweegt dat het in deze zaak gaat om de vraag of het aan werknemer gegeven ontslag kennelijk onredelijk is en of op grond daarvan een schadevergoeding aan hem moet worden toegekend.
De kantonrechter oordeelt allereerst dat de stelling dat het ontslag kennelijk onredelijk is omdat de arbeidsovereenkomst is opgezegd onder opgave van een voorgewende of valse reden, geen doel treft. Een valse reden is een niet bestaande reden. Een voorgewende reden is een bestaande reden die niet de werkelijke ontslaggrond is. Vast staat dat de productieafdeling waar werknemer werkzaam was is opgeheven, waardoor zijn functie is komen te vervallen. Van een voorgewende of valse reden voor het ontslag is dan ook geen sprake.

De kantonrechter is echter wel van oordeel dat het ontslag kennelijk onredelijk is vanwege de gevolgen voor werknemer. De kantonrechter overweegt daartoe als volgt. Bij de beantwoording van de vraag of het ontslag op grond van het hiervoor genoemde ‘gevolgencriterium’ kennelijk onredelijk is, moeten alle omstandigheden ten tijde van het ontslag in aanmerking worden genomen.

Volgens de kantonrechter is er voldoende gebleken van een belang voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Daartegenover stond wel dat werknemer al meer dan 27 jaar in dienst was bij werkgever en dat hij gedurende die periode steeds goed heeft gefunctioneerd. Verder weegt volgens de kantonrechter mee dat aan werknemer geen vergoeding was toegekend en dat hij door het ontslag een inkomensverlies had. Daarnaast was werknemer ten tijde van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 57 jaar oud en had hij een eenzijdig arbeids- en opleidingsverleden. Verder weegt mee dat er voldoende was aangetoond dat hij naar verwachting niet op korte termijn een andere baan zal vinden. Werknemer had daartoe gegevens overgelegd, die waren ontleend aan de site www.hoelangwerkloos.nl. Uit deze gegevens bleek dat werknemer naar verwachting ruim vijf maanden (158 dagen) werkloos zal zijn, met een kans van 26 procent op uitstroom naar een andere baan.
Tot slot overweegt de kantonrechter dat er door werkgever ook geen outplacement of een andere vorm van begeleiding was aangeboden bij het vinden naar ander werk. De kantonrechter concludeert uiteindelijk dat de gevolgen van het ontslag voor werknemer te ernstig zijn in vergelijking met het belang van werkgever. Het ontslag werd daarom als kennelijk onredelijk aangemerkt en de hoogte van de schadevergoeding diende te worden vastgesteld.

Bij de schadevergoeding ziet de kantonrechter aanleiding om de schade in dit geval te begroten op het redelijkerwijs te verwachten verlies aan inkomen dat werknemer zal lijden over de periode dat hij na zijn ontslag werkloos zal zijn. Die schade bestaat volgens de kantonrechter concreet uit het verschil tussen het laatstgenoten salaris van werknemer bij werkgever en de WW-uitkering die hij over de te verwachten periode van werkloosheid zal ontvangen. De kantonrechter gaat daarbij uit van de overgelegde gegevens ontleend aan de site www.hoelangwerkloos.nl.

Conclusie
De kantonrechter verklaarde het ontslag kennelijk onredelijk en kende een schadevergoeding toe van € 8.308,46 bruto. Het is opvallend dat kantonrechters steeds vaker voor het bepalen van de schadevergoeding aanknopen bij www.hoelangwerkloos.nl.

Bron: rechtennieuws



Terug naar nieuwsoverzicht