First-Line Juristen

Te late afwijzing financieringsaanvraag leidt tot schadevergoeding door bank

Vanwege een te late afwijzing van een financieringsaanvraag is de bank gehouden de contractuele boete uit de koopovereenkomst als schadevergoeding te betalen. De bank vorderde juist betaling door de cliënten van de door de bank uitbetaalde bankgarantie. De rechtbank wees deze vordering van de bank toe, maar het Hof Amsterdam besliste anders.

Hypotheekaanvraag
In verband met de aankoop van een woning hebben cliënten bij de bank een hypotheekofferte aangevraagd. De bank heeft in eerste instantie aanvullende vragen gesteld. Nadat de informatie niet of niet volledig werd aangeleverd heeft de bank de aanvraag afgewezen. In een later stadium heeft de bank alsnog een offerte uitgebracht welke door cliënten is ondertekend en geretourneerd. Tegelijk met die offerte hebben cliënten een contragarantie getekend voor de door de bank te stellen bankgarantie. De bankgarantie is een verplichting uit de koopovereenkomst en stelt de betaling van een boete bij niet-nakoming veilig. De contragarantie regelt de terugbetaling van deze boete aan de bank. Tweeënhalve maand voor de geplande levering van de woning had de bank de ondertekende documenten van cliënten retour.

Boete en bankgarantie
Twee weken voor de geplande levering laat de bank aan cliënten weten de hypotheekaanvraag alsnog af te wijzen. De levering gaat niet door en verkoper ontbindt de koopovereenkomst. Door de ontbinding is koper de contractuele boete van tien procent van de koopsom verschuldigd. De bank wordt uit hoofde van de bankgarantie aangesproken tot betaling van deze boete en heeft de boete ook betaald. Vervolgens worden cliënten door de bank aangesproken tot terugbetaling van dit bedrag op grond van de contragarantie. Dit wordt door cliënten geweigerd, waarna de bank terugbetaling bij de rechtbank vordert.

Schadevergoeding
De rechtbank wijst de vordering van de bank toe. Cliënten hebben namelijk niet betwist dat zij de verplichting uit de contragarantie op zich hebben genomen en hebben evenmin betwist dat de bank op het eerste verzoek gehouden was om het bedrag uit te keren aan verkoper. Wel stellen cliënten dat de bank hen onterecht geen financiering heeft verstrekt waardoor zij nu schade hebben geleden. Hiertegen is volgens de rechtbank echter geen vordering (in reconventie) ingesteld. In hoger beroep voeren cliënten wel aan dat zij schade hebben geleden doordat de bank dermate laat heeft beslist op de financieringsaanvraag zodat zij onvoldoende tijd hadden elders een financiering aan te vragen. Het hof volgt cliënten in hun stelling en oordeelt dat de bank door de late afwijzing onzorgvuldig en daarmee onrechtmatig jegens cliënten heeft gehandeld. De schadevergoeding wordt toegewezen en verrekend met de vordering die de bank op cliënten heeft.



Terug naar nieuwsoverzicht